De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) is vanaf 1 september wettelijk verplicht om bestuurlijke sancties op grond van de AVG openbaar te maken. Het gaat onder meer om boetes, lasten onder dwangsom en verwerkingsverboden. Tot nu toe publiceerde de AP deze sancties al op basis van eigen beleid.
De verplichting is opgenomen in een wijziging van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (UAVG), na een amendement van de Tweede Kamer. Volgens de AP is de wettelijke basis belangrijk voor de rechtszekerheid en rechtsbescherming. De openbaarmaking moet daarnaast inzicht geven in tekortkomingen en de gevolgen daarvan, zodat andere organisaties kunnen zien wat zij mogelijk moeten verbeteren.
De AP informeert een organisatie eerst over het voorgenomen publicatiebesluit en biedt gelegenheid om te reageren. De sanctie wordt niet eerder gepubliceerd dan tien werkdagen nadat de organisatie het besluit over de publicatie heeft ontvangen. Een eerdere publicatie is mogelijk als de organisatie de sanctie zelf al openbaar heeft gemaakt of geen bezwaar maakt.
Organisaties kunnen bezwaar maken tegen zowel de AVG-sanctie als de publicatie daarvan. Wie bezwaar maakt tegen de publicatie kan ook naar de rechter om te proberen die tegen te houden. Het bestaande openbaarmakingsbeleid wordt voor AVG-sancties aangepast. Sancties op grond van de Wet politiegegevens en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens gaat de AP voortaan op dezelfde manier openbaar maken.